Geschiedenis forex voor particulieren

Inmiddels is het ook voor particulieren de gewoonste zaak ter wereld om te handelen in valutaparen. Toch staat deze handel pas open voor particulieren sinds de laatste jaren van de vorige eeuw. Daarvoor was het voor een particulier in principe alleen mogelijk om met buitenlandse valuta te werken als belegging en ten behoeve van de winsten die hiermee behaald konden worden door een bankrekening te openen in een vreemde valuta. De grote verschillen die golden voor aankoop en verkoopprijs maakten dit in principe zelden lonend. Het was vergelijkbaar met het wisselen van geld ten behoeve van een buitenlandse vakantie of zakenreis.

Het einde van de Bretton Woods overeenkomst

Na de Tweede Wereldoorlog was er behoefte aan rust op het gebied van de valuta. De overeenkomst van Bretton Woods hield in dat de wisselkoersen van alle valuta werd afgezet tegen goud. Het systeem werkte en onderlinge wisselkoersen stabiliseerden. Na een aantal decennia ontstond er echter behoefte aan aanpassing, omdat de grote economieën op de wereld zich in een verschillend tempo ontwikkelden. Met de VS als grote voorstander werd besloten de overeenkomst van Bretton Woods af te schaffen en vanaf 1971 werden de wisselkoersen bepaald door vraag en aanbod. De valutamarkt was vanaf dat moment een vrije markt. De eerste jaren waren er diverse problemen om de wisselkoersen op een juiste manier te bepalen. Maar naargelang de communicatie en de technologie zich ontwikkelden, werd dit al gauw een volwassen markt. Vooral institutionele beleggers en handelsbanken domineerden de valutamarkt, die algauw een enorme omvang kreeg. Door de grootte van de transacties was er geen ruimte voor de particuliere belegger.

De computer en het internet veranderen alles

In de laatste jaren van de vorige eeuw was er de onstuitbare opkomst van steeds snellere computers en het internet. Informatie over wisselkoersen kon nu veel sneller worden verspreid en de reactietijd werd door online acties tot een fractie teruggebracht. Banken begonnen als eerste met platforms waar hun particuliere klanten ook konden traden met forex. Waar voorheen alleen met miljoenen eenheden werd gerekend konden particulieren nu meedoen met deze handel in gedeelten van de orders voor duizenden eenheden. Nu de markt ook openstond voor het grote publiek ontstonden er al snel gespecialiseerde online brokers die particuliere beleggers een grote flexibiliteit boden in de forex-handel. Deze handel werd al snel zeer populair, omdat de kosten van een transactie meestal laag zijn. Dat is mogelijk omdat er door de omvang van deze markt dagelijks miljoenen transacties plaatsvinden. Verder is de handel duidelijk en vindt deze 24/7 plaats. Als u kiest voor de handel in forex, kijk dan eens naar de betrouwbare online brokers op deze site.

Inflatie is terug in de VS

Het is inmiddels vele jaren geleden dat inflatie een factor was waarover beleggers zich zorgen maakten. Het leek er zelfs op dat dit verschijnsel, ondanks pogingen van de FED om op een aanvaardbaar percentage van geldontwaarding te komen, tot het verleden was gaan behoren. De laatste jaren werd de angst steeds groter dat deflatie zou gaan optreden in de westelijke wereld. De verlammende effecten daarvan zijn goed te bestuderen geweest in Japan. Dat land is nog steeds niet hersteld van een lange periode van deflatie of een volledig gebrek aan inflatie die de economie volledig in de greep heeft gehouden. Wat zijn de oorzaken van de huidige inflatie in de VS en zal die zich doorzetten? En wat betekent inflatie voor de belegger?

Een handelsoorlog zwengelt inflatie aan

Protectionisme kan leiden tot een handelsoorlog, die momenteel lijkt los te breken tussen de VS en China. Dit zorgt meestal voor een sterk opwaartse druk op inflatie. Economen vermoeden ook steeds meer dat de afnemende inflatie in de afgelopen periode alles te doen heeft met de vrije wereldhandel die ervoor heeft gezorgd dat de prijzen, behalve door innovatie, door verplaatsing van de productiecentra niet langer omhoog gingen, zoals in de 20e eeuw eigenlijk gebruikelijk was. Het effect dat de onevenwichtigheid van bepaalde handelsrelaties heeft op de waarde van de valuta is daarbij nog niet echt duidelijk. Gelet op het enorme handelsoverschot dat China heeft ten opzichte van de VS zou een hogere yuan ten opzichte van de dollar logisch zijn. Dat dit niet is gebeurd, heeft wellicht te maken met het ingrijpen van de centrale banken in beide landen en de onzekerheid over de koers van het nog steeds communistische China.

Een krappe arbeidsmarkt is prijsopdrijvend

De Amerikaanse economie groeit de laatste jaren weer en groei gaat meestal hand in hand met inflatie. Dat is vooral het geval als er krapte is op de arbeidsmarkt. Lonen zullen nu eenmaal sneller stijgen als werkgevers moeten concurreren om werknemers te vinden en/of te behouden. In het verleden was men regelmatig bevreesd voor een loon-/prijzenspiraal, zodra er tekorten op de arbeidsmarkt ontstonden. Momenteel bedraagt het werkeloosheidspercentage in de VS rond de 4% en dat is precies de grens die economen aanhouden. Een lager percentage zal tot een snellere stijging van de lonen leiden. Er zal dus extra aandacht zijn voor de het aantal nieuwe banen dat iedere maand wordt gemeten in de VS.

Wat betekent inflatie voor beleggers?

Inflatie betekent bijna altijd dat de volatiliteit op de aandelenbeurzen zal toenemen. Dat wil beslist niet zeggen dat de koersen dan per se in neerwaartse richting zullen gaan bewegen. Ziet u de toekomst rooskleurig in of juist niet? Kies altijd voor een betrouwbare broker, wanneer u zich op de beurs begeeft.

Feestje op Amsterdamse optiebeurs

Op 4 april is het precies 40 jaar geleden dat de Amsterdamse optiebeurs van start ging. Deze had de primeur in Europa en werd 5 jaar na de eerste optiebeurs ooit, de Chicago Board of Options Exchange, geopend. Sinds 1988 is de Amsterdamse optiebeurs gevestigd op het Beursplein 5. Net als de Amsterdamse beurs ging de optiebeurs in 2000 op in het internationale concern Euronext. De tijd dat de optiehandelaren in felgekleurde jasjes de beursvloer bevolkten is voorbij. Ook opties worden vrijwel uitsluitend online afgehandeld.

Opties, veel ouder dan de beurs

Tegenwoordig spreekt men over een optie als een recht om gedurende een bepaalde periode zaken (bijvoorbeeld aandelen) te mogen kopen of te mogen verkopen tegen een vastgestelde prijs. Een optiecontract omvat meestal een vast aantal stukken. Het recht om te kopen noemt men een call. Bij de oprichting van de Amsterdamse Optiebeurs waren in eerste instantie alleen calls te verhandelen. Het recht om te kunnen verkopen noemt men een put. Beleggers kunnen in het algemeen zowel opties kopen als verkopen (schrijven). Bij geschreven posities moet een margin worden aangehouden voor de mogelijke bijbetalingsverplichting.

Er werd echter al veel eerder met opties gewerkt, zelfs al bij de tulpenbollenmanie. In dit tijd was het al heel gewoon om een optie te nemen op een aantal bollen. Ook in de grondstoffenhandel is een vergelijkbare manier van handel mogelijk met termijncontracten. Opties en andere derivaten geven beleggers de mogelijkheid in de onderliggende stukken te handelen met een beperktere inleg.

Terminologie op de optiebeurs

Men spreekt op de optiebeurs in principe over drie mogelijkheden voor zowel de calls als de puts.

– Als de optie out of the money is, houdt dit in dat de beurskoers van de onderliggende waarde lager is dan de uitoefenprijs van de call. Bij een put is dat uiteraard dan het omgekeerde.

– Een optie is at the money als de beurskoers van de onderliggende waarde gelijk is aan de uitoefenprijs van de call dan wel de put.

– Een optie is in the money als de uitoefenwaarde van de call lager is dan de beurskoers van de onderliggende waarde. Voor de put geldt dan weer het omgekeerde.

Indien met opties op aandelen wordt gewerkt worden de aandelen gekocht bij een call of verkocht bij een put indien de optie in of at the money is. Als de optie een index als onderliggende waarde heeft, wordt de positie altijd financieel afgehandeld.

Kredietwaardigheid, ratings en kredietbeoordelaars

Onder kredietwaardigheid verstaan we het vermogen van een bedrijf (maar ook een overheid) om alle betalingsverplichtingen na te komen. De kredietwaardigheid wordt uitgedrukt in een rating. Deze rating wordt bepaald door onafhankelijke kredietbeoordelaars, waarvan Standard & Poor’s en Moody’s de bekendste zijn. Voor lange termijnmarkt loopt de rating van AAA voor een hoge kredietwaardigheid tot C waarbij een acuut gevaar voor faillissement bestaat. De rating D betekent dat de betalingen zijn gestopt, meestal is dan al surseance van betaling aangevraagd. Leningen met een rating van BBB of hoger noemt men in principe kwaliteitsleningen. Daaronder is het risico van niet terugbetaling aanwezig tot hoog. Dit soort leningen worden ook wel aangeduid met de Engelse term junk-bond (rommelobligaties). Ook bedrijven krijgen vaak een eigen rating.

Standard & Poor’s

Standard & Poor’s is wellicht de meest bekende kredietbeoordelaar ter wereld. Het bedrijf heeft ook een eigen notering aan de New York Stock Exchange.

Het bedrijf ontstond in 1941 door een fusie van Standard Statistics Bureau en H.W. Poor Co. In 1966 werd het bedrijf onderdeel van McGraw Hill. De huidige naam is S&P Global. Het belangrijkste onderdeel van S&P Global is de ratingservice die de kredietboordeling doet. Standard & Poor’s kwam (evenals concurrent Moody’s) zwaar onder vuur te liggen in de nasleep van de kredietcrisis.

Producten die het ‘stempel’ AAA kregen en daarmee als zeer betrouwbaar werden aangeprezen, bleken achteraf onvoldoende te zijn beoordeeld, ten dele door de complexe structuur, maar wellicht ook omdat de oordelen commercieel gekleurd waren. Standard & Poor’s heeft in 2015 een schikking getroffen met het Amerikaanse ministerie van Justitie en een aantal staten. Bij de schikking heeft het bedrijf een boete betaald van $ 1,5 miljard. Onderdeel van de schikking is dat S&P ontkent strafbare feiten te hebben gepleegd.

Deze kwestie heeft het vertrouwen in het systeem van kredietbeoordeling ernstig aangetast. Omdat de kredietbeoordelaars alleen ratings afgeven indien ze daarvoor worden betaald, hebben bepaalde overheden waaronder de Nederlandse er voor gekozen niet langer te betalen en krijgen deze geen rating meer.

Bij de koersvorming speelt de rating nog steeds een rol

Ondanks het feit dat het imago van de kredietbeoordelaars is aangetast, spelen de ratings nog steeds een belangrijke rol. Sommige institutionele beleggers hebben in hun statuten staan dat ze alleen in producten mogen beleggen die een bepaalde minimale rating hebben. Ook voor een particuliere belegger is het zeker van belang voor de beoordeling van een bedrijf om kennis te nemen van de rating. Aanpassing daarvan heeft ook vaak een grote invloed op de koersvorming. Houd hiermee dan ook rekening bij het samenstellen van uw portefeuille.

Waardebepaling van een bedrijf

Als belegger in aandelen waardeert u een bedrijf op het moment dat u besluit aandelen in dat bedrijf te kopen. De waarde van het bedrijf bepaalt u dan immers op minimaal de prijs van het aandeel maal het aantal aandelen dat is uitgegeven. En hoewel die aandelenprijs op de beurs tot stand komt door middel van vraag en aanbod, zal het duidelijk zijn dat er toch meerdere grondslagen zijn die de waardering en dus de prijs van het aandeel bepalen. Er is nooit een absolute waardebepaling voor enig bedrijf, tenzij de onderneming geliquideerd wordt en de resterende opbrengsten aan de aandeelhouders worden betaald. Maar wat zijn dan de zaken die voor u als (beginnend) belegger de waarde bepalen? Gelukkig zijn er veel financiële gegevens bekend waarmee u aan de slag kunt.

Winst per aandeel

Het is iets dat u in vrijwel ieder financieel bericht van een beursgenoteerd fonds zult lezen: de winst per aandeel die het bedrijf over de verstreken periode heeft behaald, dan wel een indicatie voor de toekomst. Deze waarde kan behoorlijk veelzeggend zijn en meestal wordt dit belangrijke financiële kengetal uitgedrukt in de factor: aandeel/winst per aandeel. Daarbij betekent een factor 20 dat het bedrijf een winstpercentage behaalt van 5%, uitgedrukt in de waarde van het aandeel. Bij een factor 10 is dit dus 10% winst uitgedrukt in de waarde van het aandeel. Natuurlijk is deze factor niet de enige die de waarde van een aandeel bepaalt. Tenslotte gaat het u als huidig belegger vaak meer om de toekomstige winst (die altijd onzekerheid inhoudt) dan om het verleden. Verder is het ook van belang dat de kwaliteit van de winst in het verleden wordt beoordeeld. Als een bedrijf steeds hogere winsten per aandeel lijkt te behalen zal een belegger daar een hogere factor voor willen betalen, dan voor een bedrijf dat een vrijwel constante winststroom realiseert. Om die reden wordt voor een aantal grote technologiebedrijven, zoals Amazon, een veel hogere factor betaald, dan voor een bedrijf dat al heel lang een solide winst laat zien, zoals Shell. Voor Amazon hebben de huidige aandeelhouders de verwachting dat het bedrijf in de toekomst veel hogere winsten per aandeel zal behalen dan momenteel het geval is. Het zal daarbij ook duidelijk zijn dat het risico bij een dergelijke hoge factor navenant hoger zal zijn. Door deze hoge factor te betalen op dit moment neemt de belegger al een voorschot op de toekomst en profiteert hij pas nadat het bedrijf er inderdaad in slaagt de verwachtingen waar te maken.

Maak gebruik van de kengetallen die beschikbaar komen

Zeker als u met hefboom belegt, is het van belang dat u gebruikmaakt van de informatie die u van alle beursbedrijven kunt vinden. Winst per aandeel is hiervan een zeer belangrijk onderdeel.

Technische analyse is uiteraard niet gebaseerd op dit soort kengetallen. Beleggen met hefboom kan onder meer bij de betrouwbare online brokers op deze site.

Intrinsieke waarde en de koers

Een beursbedrijf heeft een waarde doordat op de beurs door vraag en aanbod een waarde aan de aandelen wordt toegekend en daarmee ook aan het bedrijf. De waardering van een bedrijf kan echter ook op andere manieren worden bepaald. Een van die methoden is de intrinsieke waarde. De intrinsieke waarde wordt berekend door de bezittingen van een onderneming te verminderen met de schulden. Het saldo, dat zowel positief als negatief kan zijn, noemt men het eigen vermogen of ook wel de intrinsieke waarde van een bedrijf. Dit eigen vermogen wordt regelmatig berekend op het moment dat het bedrijf een balans opstelt. Vaak wordt die balans gecontroleerd door een accountant die door een accountantsverklaring een oordeel kan geven over de getrouwheid van die balans. Is de intrinsieke waarde van belang voor de belegger?

Intrinsieke waarde, waardevol maar niet bepalend.

De intrinsieke waarde van een bedrijf geeft in principe weer hoeveel geld er voor de aandeelhouders beschikbaar zou komen als alle bezittingen ter gelde worden gemaakt en de schulden worden voldaan. Het is hiermee een theoretische waarde, omdat, zodra een onderneming haar activiteiten zou beëindigen, bepaalde bezittingen anders gewaardeerd zouden moeten worden, omdat ze niet langer bijdragen aan het economisch verkeer. Denk hierbij bijvoorbeeld aan bedrijfsgebouwen die specifiek zijn ingericht of zelfs gebouwd voor een bepaald bedrijf. Ook voor de schulden geldt dat deze in de praktijk kunnen gaan afwijken van de op de balans getoonde schulden. Want hoewel bij de balans wel informatie wordt verstrekt over langlopende contracten voor bijvoorbeeld huur of lease worden mogelijke boetes of afkoopsommen uiteraard niet in de balans opgenomen, omdat die niet aan de orde zijn. De intrinsieke waarde is bepaald voor ‘going concern’, dat wil zeggen: onder de voorwaarde dat het bedrijf niet op korte termijn geliquideerd zal worden.

Is de intrinsieke waarde de minimum koers voor de waardering op de beurs?

Vele beursbedrijven worden voor een lagere waarde verhandeld dan de intrinsieke waarde van het aandeel. Dit houdt ten dele verband met het feit dat de intrinsieke waarde, zoals hierboven vermeld, slechts geldt bij de going concern gedachte en de werkelijke waarde daarvan zal afwijken. Daarnaast is het voor de aandeelhouder vaak van groter belang welke winsten het bedrijf nu en in de toekomst kan maken. Daarom kan ook aan een bedrijf met een negatief eigen vermogen soms een hoge waarde worden toegekend op de beurs. Toch is de intrinsieke waarde voor een belegger wel degelijk van groot belang. Een bedrijf met een groot eigen vermogen is zeker in slechte economische tijden beter in staat om te overleven dan een bedrijf die deze zekerheden niet kent. Houd dan ook zeker rekening met de intrinsieke waarde wanneer u bepaalde aandelen of derivaten kiest.

Wat is de margin?

Wanneer u belegt in afgeleide producten (derivaten), zal u vaak gevraagd worden om een margin. Een margin is bedoeld als reservering als dekking tegen risico’s. Een margin wordt in het algemeen gevraagd indien u short gaat in opties als schrijver en, ongeacht of u short of long gaat, bij futures of CFD’s. De margin die wordt gevraagd is overigens vaak maar een percentage van het maximale risico dat op een positie kan worden gelopen.

Hoe wordt de margin berekend?

Voor posities die u aanhoudt in derivaten waarvoor een margin gedeponeerd dient te worden, bepaalt uw broker een margin-percentage. Dit percentage wordt afgeleid van de volatiliteit van de onderliggende waarde. Voor opties op aandelen wordt bijvoorbeeld gekeken naar de volatiliteit over zowel een periode van 3 maanden als een periode van 6 maanden. Het hoogste percentage is dan van toepassing.

Wat is een margin-rekening?

In het algemeen kunt u bij een broker kiezen tussen een margin-rekening en een cash-rekening. Bij een cash-rekening kunt u op geen enkele wijze gebruikmaken van bevoorschotting. Bij een margin-rekening heeft u de mogelijkheid om met bevoorschotting te werken op basis van de producten die u in uw portefeuille aanhoudt. Aandelen kunnen bijvoorbeeld als onderpand dienen bij de bevoorschotting van een margin-rekening. Dit houdt dus ook in dat u met geleend geld kunt beleggen. Een margin-rekening kan natuurlijk eveneens gebruikt worden om margin te stellen op derivaten. Indien u bijvoorbeeld op enig moment onvoldoende cash op de rekening bij de broker heeft staan, maar wel onderpand heeft middels een portefeuille met aandelen, kan op basis daarvan via en margin-rekening zekerheid worden gesteld. Indien u een cashrekening heeft, moet u er altijd voor zorgen dat er voldoende geld op deze rekening staat om posities met margin te kunnen dekken met cash.

Wat is een margin call?

In de loop van het aanhouden van een positie waarop een margin-verplichting is bepaald, kan het voorkomen dat het risico toeneemt en er niet meer voldoende onderpand beschikbaar is om aan de potentiële verplichtingen te kunnen voldoen. In dat geval zal de broker overgaan tot een margin-call. Daarbij heeft de belegger 5 dagen de tijd om tekorten aan te zuiveren. Gebeurt dat niet tijdig, dan zal de broker de positie liquideren. Als er te weinig onderpand aanwezig is, blijft de belegger verantwoordelijk voor het tekort bij liquidatie van zijn positie.

Indien u als belegger werkt met margin-verplichtingen, is het dus zeer verstandig om te zorgen dat u in ieder geval voldoende onderpand kunt stellen om te voorkomen dat een liquidatie zou kunnen plaatsvinden. Maak daarom altijd een goede afweging in hoeverre een cash-rekening voldoende is, afhankelijk van uw beleggingssystematiek.

Terugblik op een uitstekend beursjaar

Het jaar 2017 ligt alweer een tijdje achter ons, maar verdient op basis van hetgeen financieel werd bereikt zeker een terugblik. De cryptomunt bitcoin trok veel aandacht en de prestatie die deze virtuele munt leverde, zal maar moeilijk te overtreffen zijn: de bitcoin verveertienvoudigde in waarde.

Ook onroerend goed in Nederland deed het uitstekend, vooral in de Randstad konden huizenbezitters vrijwel ieder gewenst prijskaartje op de woning plakken indien ze wensten de verkopen. Maar toch was het jaar 2017 met name het jaar van het aandeel.

Topprestatie voor de AEX

De 25 fondsen die de AEX vormen, wisten in 2017 de index gezamenlijk met 13% te doen stijgen. En inclusief het dividend bedroeg deze toename zelfs meer dan 17%. Daarmee wist de AEX een stap voorwaarts te zetten die dubbel zo groot is als het langjarige gemiddelde van stijgingen. Dit is nog indrukwekkender omdat het in een jaar is gebeurd waarin de inflatie zeer beperkt was.

Niet alle bedrijven die de AEX vormen, konden in 2017 een bijdrage leveren aan de stijging. Van het totaal moesten 7 aandelen een koersverlies voor lief nemen. Randstad hield het verlies beperkt met 1%, maar een meer belangrijk fonds, Ahold Delhaize, ging zo’n 8% omlaag. Nog moeilijker was het jaar voor Vopak dat 20% van de waarde kwijtraakte en Altice was in negatieve zin koploper, omdat het door slecht nieuws maar liefst 55% verlies moet incasseren op de koers van het aandeel.   

De winnaars waren natuurlijk in de meerderheid, omdat de AEX anders niet zoveel in waarde had kunnen stijgen. Royal Dutch Shell steeg 6%, maar bleef daarmee behoorlijk achter bij een aantal andere fondsen. Maar liefst 11 aandelen in de AEX konden in 2017 een koerswinst laten zien van meer dan 20%, waaronder een ander zwaargewicht: Unilever.

De toppers in 2017 komen uit het zuiden van het land. DSM liet in dit jaar meer dan 40% bijschrijven en ASML deed het bijna net zo goed.

Overigens wist de midkap het in 2017 nog beter te doen dan de AEX. Dat werd mede veroorzaakt door de prestatie van AirFrance/KLM. Dit zwaarwegende fonds in de midkap liet een stijging noteren van 160 %. Ook een kleinere branchegenoot van ASML deed het goed: Besi wist met 120% te stijgen.     

Nieuwe kansen in 2018

Wilt u in 2018 meeliften met de winnaars van het voorgaande jaar of verwacht u juist een opleving van de verliezers? Voor beide strategieën zijn argumenten aan te voeren. In ieder geval is het in beide gevallen van het grootste belang om een betrouwbare online broker te kiezen. Daar vindt u er een aantal van op deze  site.

Groei in China

De beurzen in China hebben het eind 2017 even moeilijk gehad. Na een behoorlijke opmars volgde de grootste daling in anderhalf jaar tijd en liep het verlies op tot rond de 5%. Beleggers uitten daarmee hun bezorgdheid over de oplopende rente in het land en met name omdat de Chinese autoriteiten deze wensen te bestrijden door de kredietveerlening aan banden te leggen. Zal hierdoor de groei van de Chinese economie worden beperkt?

Rust, maar met ambitieuze doeleinden

Het aanblijven van president Xi Jinping na het Congres is zeker geen verrassing, maar het zorgt wel voor meer zekerheid in het land.

In 2010 werd een doel gesteld om de Chinese economie in 10 jaar tijd te verdubbelen, evenals het gemiddelde inkomen van de bevolking. Door de uitbundige groei, die in 2017 ook weer op 7% lijkt uit te komen, zal in 2020 naar verwachting het eerder gestelde doel moeiteloos worden gehaald. 

Hierdoor zijn er voor de komende jaren ook weer duidelijke doelen gesteld: de economie moet de komende 10 jaar groeien met 5% tot 6%. En de groei moet de komende 30 jaar uitkomen op gemiddeld 4% tot 5%. 

De twee gezichten van de Chinese economie

Ook op de beurs is duidelijk te zien dat de Chinese economie twee gezichten heeft. De aandelen van onder meer verzekeringsconcern Ping An en de internetgiganten Tencent, AliBaba en Bandu stegen vooral fors, overige bedrijven minder.

Het zijn dan ook de bedrijven uit de nieuwe economie die zorgen voor de fantastische groeicijfers. Deze zijn vooral te vinden op het gebied van het internet, software en de zorg.

Bij de oude economie moet worden gedacht aan fabrieken, mijnen, energiemaatschappijen en banken. Deze zijn in handen van de staat en functioneren vaak niet naar verwachting.

Om ook voor de komende jaren hoge groeicijfers mogelijk te maken, zal de economie in China moeten veranderen. In plaats van een op investeringen en export gebaseerde economie zal men zich meer moeten richten op binnenlandse consumptie. Ook moet er aandacht worden besteed aan het saneren van vervuilende industrie en meer efficiënte productiemethoden. Verder is het noodzakelijk dat de bedrijfsschulden worden afgebouwd en dat een deel van de winsten van de momenteel goed presterende bedrijven wordt besteed aan innovatie.

Voor beleggers in China zal het erg belangrijk zijn in hoeverre de economie van  het land inderdaad kan worden veranderd en meer kan worden gericht op consumptie. Een meer vrije toegang tot de beurs voor buitenlands kapitaal wordt echter onder president Xi Jinping niet verwacht.

De Nikkei in 2018

Min of meer in de luwte heeft ook de Japanse beurs het erg goed gedaan in 2017. Op de laatste dag van dat jaar eindigde de index op 22.765 punten. Daarmee werd over het gehele jaar een winst gerealiseerd van bijna 19%. Na vele jaren van misère lijken dus ook betere tijden aangebroken voor de eens zo spectaculaire beurs van het land van de rijzende zon. Zijn er ook kansen voor de particuliere belegger in 2018 in Japan?

De Nikkei 225

De Nikkei geeft de koersontwikkeling weer van de 225 grootste Japanse bedrijven. Het is een prijsgewogen index, wat inhoudt dat alleen de prijs van de aandelen de index bepaalt en er geen weging naar grootte plaatsvindt van de genoteerde bedrijven. De Nikkei is daarmee vergelijkbaar met de Dow Jones die op dezelfde manier wordt berekend.

De beurs is van relatief recente datum, omdat deze beurs in Japan pas na de Tweede Wereldoorlog werd geopend. De index ging van start op 7 september 1950, maar wordt in feite herrekend naar 16 mei 1949, de eerste echte beursdag.

In de moderne Nikkei is technologie met 40% het meest vertegenwoordigd, gevolgd door consumentengoederen, grondstoffen en kapitaalgoederen. Na de problemen met de banken zijn financiële waarden slechts voor 10% bepalend voor de index, wereldwijd gezien een bijzonder laag percentage. De Japanse industrie draaide op volle toeren in de jaren 80 van de vorige eeuw en dat leidde ook tot uitstekende prestaties op de beurs. Na een aantal jaren van uitbundige groei kwam de index eind 1989 op een stand van bijna 39.000. Daarna ging het snel bergafwaarts. De kredietcrisis van 2007/2008 heeft ook Japan geraakt en in maart 2009 toonden de borden een stand van iets meer dan 7.000. Hierna duurde het meer dan 6 jaar voor de Nikkei weer boven de 20.000 kwam.  

Verwachtingen voor 2018 

Na een aantal moeilijke jaren, ook op politiek gebied, is er weer stabiliteit in Japan. De sterke wereldwijde economie heeft ook voor bloei gezorgd in dit deel van de wereld. En natuurlijk behoren nog steeds enkele van de grootste automerken ter wereld tot de Nikkei. Ook op het gebied van de consumentengoederen – ondanks de concurrentie van China en Korea –  is Japan nog immer toonaangevend als het aankomt op prijs-/kwaliteitsverhouding. En vanwege de vergrijzing in het land is er een grote belangstelling voor het ontwikkelen van robots.

Indien u met hefboom zou willen beleggen in de Nikkei, kies dan voor een betrouwbare online broker, zoals die op deze site staan.